Man and woman thinking what would happen if you’re fingers are bigger then you’re noseholes

ezelsoor-Clara
Clara Verbeke

Ik denk

Ik denk
bij elke ademtocht
wat voel ik nou,
waar zit de kracht?

Bij herfsttij pas de vrouw erkend,
ontembaar wezen van mijn ziel.
Ik kniel voor u want
zo veel sterker dan de
vurig strevende mannelijkheid.

Het bracht me hier,
ver van het begin waar trots
vermoeid met woede strijdt,
nu ook voor een gesloten poort.

Hoeveel verder had ik kunnen gaan
als heel, geheeld, eenzijdig vrouw?
Te jong, mijn ziel een eerste leven,
ploeter ik onhandig, denkend
door, voor haar.

Ik leer,
heb lief, wil zijn en verlang
slechts dat mijn zieledochter
eerstens voelt.

Miniatuur

onze liefde was er één

uit een Märklin doosje

 

tjoeke tjoeke

tunnel in tunnel uit

daar stond het berghuisje

we pasten er nog in ook

besloten oud en lief te zijn

tjoeke tjoeke

 

pas toen we ontdekten

dat er ook een Fleischmann was

toen ging het fout

 

Verloren Chips

Ik zat en ik keek toe. Ze las de krant en
 at chips. Dit was was een ambtenaar op weg naar huis. Ze moest de hele dag de telefoon opnemen. Ze had eens geteld, ze zei wel driehonderd keer goede-, gevolgd door een dagdeel. De zak moest leeg en ik mocht alles zien. We reden voorbij Bijlmer Arena en door naar Station Amstel. Haar jas was open en op het geruite bloesje lag een verloren stukje chips. We stopten bij Amstel. In de 5 minuten tot het Centraal Station keek ik naar een stukje chips, er gebeurde niks. We reden het station binnen. Voordat het stukje kon vallen, stond ik op. Het lag daar zo mooi en dat moest zo blijven.

Chips
Wolf Maria Mulder

Buiten was er niets

 

Er was niets te zien, buiten.
Binnen ook niet.
Binnen was ook niets te zien.
Binnen waren de muren,
en de vloer en het plafond,
en dat verschrikkelijk grote raam.
Dat verschrikkelijke grote raam,
waardoor je naar buiten kon kijken.
Je kon kijken naar het gras.
Je kon kijken naar de lucht.
Maar verder, verder
was er buiten niets.
Oké, soms vloog er een vogel.
Maar dán was er weer heel lang,
niets te zien.
Alleen buiten.
Dat zag je, buiten

Ja,

ik vroeg je mond

maar je gaf me

peanuts,

met je tong

in mijn ogen

vermorzel ik nu

dode noten

 

Poppe Laars